Programma-archief 2001  
zaterdag 27 januari 2001

Werken van Heinrich Schütz (1585-1672) en Arnold Schönberg (1874-1951)


zaterdag 10 maart 2001

Open Performance Site IV


zondag 6 mei 2001

Monteverdi Kamerkoor




zondag 3 juni 2001

Zomerconcert i.s.m. de Nederlandse Blokfluitdagen




zaterdag 23 juni 2001

Museumnachtconcert


zondag 1 juli 2001

Powell river youth choir




zondag 5 augustus 2001

Zomerconcert




zondag 26 augustus 2001

The musical Assembly




zondag 2 september 2001

Bachcantates




zaterdag 3 november 2001

De Verklankte Dood


zaterdag 8 december 2001

L'Inconnue



Nicolaiconcert

De Stichting Culturele Evenementen Nicolaikerk presenteert de Nicolaiconcerten.


Kaartverkoop vindt vanaf een half uur voor aanvang van het concert plaats bij de ingang van de Nicolaïkerk. De concerten duren ongeveer 45 minuten.
Reserveringen zijn niet nodig, de Nicolaïkerk heeft voldoende zitplaatsen.

Het actuele programma is te vinden in de Agenda.

De Nicolaikerk is gelegen aan het Nicolaaskerkhof in de zuidelijke binnenstad van Utrecht (Zie Stadsplattegrond Utrecht).


 


zaterdag 27 januari 2001 21.00 uur - Nicolaïkerk


zaterdag 27 januari 2001
21.00 uur - Nicolaïkerk

Werken van Heinrich Schütz (1585-1672) en Arnold Schönberg (1874-1951)

Oude Muziek Koor Arnhem

o.l.v. Daniel Reuss

 

Het Oude Muziek Koor zal in dit concert een fascinerende confrontatie laten horen tussen twee grote, maar zeer verschillende componisten. Van Heinrich Schütz zullen werken uit de Psalmen Davids, Cantiones Sacrae, Geistliche Chormusik en Beckersche Psalter gezongen worden. Van Arnold Schönberg zullen zijn laatste twee werken uitgevoerd worden: de twaalftoonscomposities Dreimal Tausend Jahre en De Profundis.

Daniel Reuss studeerde koordirectie bij Barend Schuurman aan het Rotterdams Conservatorium. Hij is dirigent van het Oude Muziek Koor Arnhem, Cappella Amsterdam en van het Bachkoor Holland. Als repetitor en dirigent werkt hij regel-matig met ensembles als Collegium Vocale Gent, het Nederlands Kamerkoor en La Chapelle Royale. Daniel Reuss is als hoofd-vakdocent verbonden aan het Sweelinck Conservatorium te Amsterdam.

Het Oude Muziek Koor werd in 1982 opgericht. Het koor heeft zich de eerste tien jaar vooral toegelegd op het uitvoeren van oude muziek, met af en toe een uitstapje naar de 20e eeuw. Tegenwoordig zijn gecombineerde programma’s van oude en nieuwe muziek eerder regel dan uitzondering. Het koor voerde onder andere oratoria en motetten van Bach uit, maar was ook te horen in uitvoeringen van koorwerken van Francis Poulenc, Benjamin Britten, Frank Martin, Rudolf Escher en Robert Heppener.



 

Top


 


zaterdag 10 maart 2001 21.00 uur - Nicolaïkerk


zaterdag 10 maart 2001
21.00 uur - Nicolaïkerk

Open Performance Site IV

i.s.m. Hogeschool voor de Kunsten Utrecht

 

De Stichting Culturele Evenementen Nicolaïkerk presenteert de vierde aflevering van de Open Performance Site, een podium voor nieuwe muziek: van alle continenten, maar ook locaal, voortbouwend op de rode draad van eeuwen geleden, in de ruimte van de middeleeuwse Nicolaïkerk. Het programma biedt computermuziek en (live-) elektronische muziek door Studenten van de compositie-afdeling van de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht, Faculteit Kunst, Medie & Technologie.De voorgaande Open Performance Site presenteerde premières van composities voor verdeeld koor, orgel, trompetten, houtblazers, sprekers en acht audio-kanalen.

Wereldpremières:
Marco Beck: Hoogmis.
Marek Zoffaj: Currents.
Marcel Wierckx: Nature of Things
Daarnaast stonden ook Light goes through branches van Walter Hekster voor acht kleine harpen, en andere nieuwe werken op het programma.

Dit jaar staat de OPS in het teken van de Nicolaïkerk als Ruimtelijk Instrument.


Op het programma staan drie koorstukken met tape en live-elektronica,composities voor tape of live-elektronica, één werk bestaand uit muziek metdans. De meeste stukken gaan op deze avond in première.
De composities voor instrumenten vocalisten en/of elektronica en de ruimte.Instrumenten, vocalisten en luidsprekers staan op verschillende plekken inde ruimte, of bewegen zich door de ruimte. Het publiek wordt op deze manieromgeven door de compositie of door het Ruimtelijk Instrument. De bijzondereakoestiek van de Nicolaïkerk speelt dan ook een belangrijke rol in dezecomposities. Naast het klinkende materiaal wordt gebruik gemaakt vanspeciale belichting en beeldprojectie als vormgevingselement.

Het concert maakt deel uit van de vaste concertserie met acht tot tienconcerten per jaar, waarvan jaarlijks twee in de IJsbreker in Amsterdam.


 

Top


 


zondag 6 mei 2001 11.45 uur - Nicolaïkerk


zondag 6 mei 2001
11.45 uur - Nicolaïkerk

Monteverdi Kamerkoor


Pierre Mak, bariton
Adrian Folea, tenor
Annelieke Heemskerk, harp
Klaas Vellinga, orgel

Arie Abbenes, beiaard

Charles Villiers Stanford: Beati quorum via
Ferenc List: Die Seligpreisungen
Giuseppe Verdi: Pater Noster (koor a cappella)
Janacek: Moravska Otce Nas

Beiaard:
Joep Straesser: Trois Pieces pour carillon
Leos Janacek: Drie liederen
Henk Badings: Three studies

Het programma is gebaseerd op de zogenaamde Bergrede (Mattheus 5-7), die immers begint met de Zaligsprekingen en eindigt met het Onze Vader.

Zowel in 1997 als in 2000 won het Monteverdi Kamerkoor Utrecht de Eerste Prijs tijdens het Nederlands Koor Festival te Rotterdam. De componisten Gerard Franck, Wim de Ruiter en Joep Straesser droegen werken aan het Monteverdi Kamer-koor op.
Wilko Brouwers werd als gastdocent uitgenodigd door diverse Nederlandse conservatoria en door de Liszt Academie in Budapest. Hij is docent in de door hem opgerichte zangstudio Pange Lingua en als coördinator verbonden aan Ward Centrum Nederland, een landelijk instituut voor muziekpedagogiek.

 



 

Top


 


zondag 3 juni 2001 11.45 uur - Nicolaïkerk


zondag 3 juni 2001
11.45 uur - Nicolaïkerk

Zomerconcert i.s.m. de Nederlandse Blokfluitdagen


Marjolein van Roon, blokfluit
Stephen Taylor, orgel
Bob van Wely, beiaard

Moonsbreath (Silk)
Qui belles amours a
KAGE
Amarilli mia bella
La nuit...puis le jour
Moonsbreath (Silk)

Beiaard:
J.S. Bach: Preludium BWV 851
Jhr. Jacob van Eyck: 2 werken uit Der Fluyten Lust-hof
John Cage: Music for Carillon 2 & 3
Jhr. Jacob van Eyck: 2 werken uit Der Fluyten Lust-hof
Gary White: Asteroids

De Nederlandse Blokfluitdagen is een internationaal evenement dat om de twee jaar in Utrecht wordt gehouden. Naast een concours bieden deze dagen taal van activiteiten die liefhebbers uit diverse werelddelen bij elkaar brengen in de Domstad.
Marjolijn van Roon presenteert tijdens dit concert een gedeelte van haar programma annex gedichtenbundel SILK, het resultaat van de zoektocht naar een nieuwe context voor oude muziek. Behalve variaties van Van Eyck speelt zij (met orgel) twee door haar bewerkte zestiende-eeuwse chansons, waarbij zij gebruik maakt van de oude diminutietechnieken, maar waarin zij haar persoonlijke kijk op de muzikale inhoud verwerkt.
Middelpunt van het concert is de compositie KAGE, door Roderik de Man op verzoek van Marjolijn van Roon gecomponeerd in verband met haar optreden in Japan, oktober 2000.

Behalve voor haar concerten met Ensemble MIRAC is Marjolijn van Roon ook actief op het gebied van de hedendaagse muziek, vooral als soliste. Zij is hoofdvakdocente blokfluit aan het Enschedees Conservatorium en heeft vele masterclasses in combinatie met concerten gegeven in verschillende Europese landen, de Verenigde Staten en Japan. Daarnaast studeerde zij cum laude af als musicologe in 1993.

 



 

Top


 


zaterdag 23 juni 2001 24.00 uur - Nicolaïkerk


zaterdag 23 juni 2001
24.00 uur - Nicolaïkerk

Museumnachtconcert

Nocturne Triste


EGIDIUS KWARTET
Peter de Groot, altus. Otto Bouwknegt, tenor.
Hans Wijers, bariton. Donald Bentvelsen, bas.

Maria Luz Alvarez, sopraan

LA SFERA ARMONIOSA
Mike Fentross, theorbe, gitaar
Paulina van Laarhoven, gamba
Adrián Rodriguez van der Spoel, tablá, slagwerk en gitaar

SEFARDISCHE KLAAGZANGEN
MET OUDE EN NIEUWE
LAMENTOS

Een speciaal concert ter gelegenheid van de Utrechtse Museumnacht, met als thema:
De ziel van de Middellandse zee in Nederlandse stemmen.


De ziel

Wat is er mooier dan op een middernachtelijk uur, tijdens de overgang van de ene naar de andere dag in een grote, oude en stille kerk bij kaarslicht naar zachte melancholische muziek te luisteren, gezongen door vier donkere mannenstemmen, een Spaanse sopraan met een fluwelen timbre vol passie en weemoed, begeleid met de zoet-mysterieuze klanken van snaarinstrumenten en tablá? In dit moment van bespiegeling en overgave klinkt muziek op teksten over het Leven, de Liefde en de Dood: een uur van pure poëzie.

De zangers staan in het hart van de kerk rond een authentieke koor-lessenaar en zingen zeer oude én gloednieuwe lamento's. Het publiek zit in een perfecte cirkel om hen heen terwijl de sopraan en haar begeleiders als satellieten door de ruimte trekken met Sefardische liederen en Spaanse klaagzangen. Hoe dicht kun je komen bij de ziel, de binnenste kern van het menselijk bestaan?


De Middellandse zee


Afrika-Spanje:
In de achtste eeuw staken de Arabieren de zee over en begonnen hun invasie van Spanje. Ze bezetten zelfs stukken van Zuid-Frankrijk In hun kielzog kwamen 50.000 joden, Sephardim genoemd, uit Afrika en Azië naar het Iberisch schiereiland. Zij assimileerden volledig met de Spanjaarden en zelfs na het bittere jaar 1492 waarin bij koninklijk decreet de verbanning van alle joden werd verordonneerd en vele honderdduizenden via de middellandse zee vluchtten naar het Ottomaanse Rijk bleven zij hun liederen in de Joods-Spaanse taal (ladino) zingen.


Italië:
De Vlaming (?) Jacob Arcadelt (?)1505-1568) werkte in de dertiger jaren van de zestiende eeuw in Firenze en Venezia. In 1540 werd hij lid van de pauselijke kapel te Rome, maar aan het einde van zijn leven ging hij te scheep naar zijn geboorteland, en schreef daar zijn indrukwekkende lamentaties in de moderne Italiaanse stijl. Van zijn zestiende eeuwse, Italiaanse collega Benincasa, wiens ingetogen Salve Regina in een koorboek van de kathedraal van Monferrato werd gevonden, weten we helaas niets.
Cyprus:
Richard Leeuwenhart veroverde in 1191 het eiland Cyprus en verkocht het aan de tempelridders die het lieten regeren door Franse baronnen (tot 1498). Het is dan ook niet verwonderlijk dat één van de grootste collecties laat middeleeuwse muziek is afkomstig van het eiland en dat het repertoire een duidelijk Frans stempel draagt. De collectie bevat misdelen en chansons, bijna allemaal driestemmig. De ballade si doulcement is één van de zeer weinige vierstemmige stukken.

De Nederlanders

Vanouds waren het met name de Nederlanders die de wereldzeeën bevoeren en wereldwijd handel dreven. Nederlanders kregen de reputatie vele talen te kunnen spreken. Antwerpen en Amsterdam werden smeltkroezen van allerlei culturen.
In de 15e en 16e eeuw waren het de Nederlandse kunstenaars die de internationale smaak bepaalden. Zangers werden te dien dage vooral in de lage landen gerecruteerd om dienst te doen in Spanje, Frankrijk en Italië. Eén van hen was Nicolas Payen (1512-1559) die als zanger van Karel V heel Europa doortrok. In Italië vond hij het beroemde treurdicht op de dood van Lorenzo de Medici. Hij schreef er ontroerende noten bij.
Een paar eeuwen later kreeg een Italiaanse reis van Henk Badings (1907-1985) zijn neerslag in twee koorwerken, één met een tekst van Giacomo Leopardi (1798-1837) en één op versvoeten van Christian Morgenstern (1871-1914).
Halverwege de 20ste eeuw werd Nederland één van de pionierscentra voor de Oude Muziek revival en heroriëntatie. Van heinde en verre kwam men naar Den Haag om er te studeren. Inmiddels is er al een derde generatie barok- en renaissance specialisten opgeleid. Grenzen schijnen er niet meer te zijn. De muziek verenigd: hier spreekt de taal van de ziel. (PdG)

 



 

Top


 


zondag 1 juli 2001 11.45 uur - Nicolaïkerk


zondag 1 juli 2001
11.45 uur - Nicolaïkerk

Powell river youth choir


o.l.v. Paul Cummings

Beiaard:
Emilien Allard: Volksliedjes uit Canada in beiaardbewerking
Harrie Bannink: Liedjes op teksten van Annie M.G. Schmidt

Een optreden in het kader van het Internationaal Koorfestival Arnhem 2001

Het Powell River Youth Choir is een gemengd koor uit Canada, dat bestaat uit ongeveer 40 zangers in de leeftijd van 15 tot 18 jaar. Het koor is gespecialiseerd in a capella muziek van de middeleeuwen tot de 20e eeuw en verstrekt regelmatig compositieopdrachten aan Canadese componisten. Het Powell River Youth Choir won diverse prijzen in internationale en regionale festivals en verzorgde optredens in Noord- en Zuid-Amerika en in verschillende Europese landen.
Het optreden in het kader van het Internationaal Koorfestival in het eerste optreden in Nederland.

 



 

Top


 


zondag 5 augustus 2001 11.45 uur - Nicolaïkerk


zondag 5 augustus 2001
11.45 uur - Nicolaïkerk

Zomerconcert


Stephen Taylor (Sweelinck-orgel)
Sopraan Maria Rosenmöller
Arie Abbenes, beiaard

Hugo Distler: Geistliche Konzerte
Georg Böhm: Herr Jesu dich zu uns wend
Barbara Strozzi: drie liederen

Beiaard:
Georg Böhm: Freu dich sehr o meine Seele
Constantijn Huijgens: drie liederen uit Pathodis sacra et profana
Johann Rosenmüller: Sinfonia nona
Georg Böhm: Vater unser im Himmelreich

Het Sweelinck-orgel werd in opdracht van de NCRV gebouwd door de vermaarde Deense bouwer Marcussen. Het instrument staat in de kerk op de begane grond en is daarom bij uitstek geschikt voor ensemble-spel, waarbij het publiek ook nog zicht heeft op de organist! Hugo Distlers Geistliche Konzerte op. 17 werden in 1937 gecomponeerd; de titel geeft aan dat deze schitterende psalmzettingen geïnspireerd zijn door de gelijknamige bundel van de 17e eeuwse componist Heinrich Schütz.

 



 

Top


 


zondag 26 augustus 2001 11.45 uur - Nicolaïkerk


zondag 26 augustus 2001
11.45 uur - Nicolaïkerk

The musical Assembly


Oekraïns ensemble voor oude kerkmuziek

Zhanna goncharenko - sopraan
Olga Gavrylova - sopraan
Tetyana Sukhina - alt
Maksym Yefimchuk - tenor
Denys - Poddyachy - bas

Arie Abbenes - beiaard
Oekraïnse composities uit de 17e eeuw

Werken van Nikolaj Diletsky, Dymytry Tuptalo en diverse anonieme componisten

Beiaard:
Suite van Poolse dansen uit het luitboek van Viginia Renata von Gehema
Selectie van liederen en dansen uit de Oekraïnse folklore
Twee Poolse dansen uit een anonym handschrift

De 17e eeuw was voor de Oekraïne het tijdperk van culturele bloei. In de literatuur, muziek, schilderkunst, architectuur van die tijd kunnen we elementen van de Barok terugvinden. De orthodoxe kerk had in die tijd een dominante positie in de maatschappij, en dat had als gevolg dat de kunst zich vooral in de kerken ontwikkelde. Orthodoxe muziek werd a capella uitgevoerd. In dit bijzondere concert vandaag een proeve daarvan.

 



 

Top


 


zondag 2 september 2001 11.45 uur - Nicolaïkerk


zondag 2 september 2001
11.45 uur - Nicolaïkerk

Bachcantates


Cappella di San Pietro o.l.v. Daniel Reuss
Arie Abbenes, beiaard


J.S. Bach: Herr Jesu Christ, wahr’ Mensch und Gott (BWV 127)

Beiaard:
Sinfonia en aria uit cantate BWV 169
Sonata I, voor vioolsolo BWV 1001
Concerto en coro uti cantate BWV 142

Traditiegetrouw sluiten de Zomerconcerten met een programma van cantates van Johann Sebastian Bach, dit jaar voor de derde maal o.l.v. de gerenommeerde dirigent Daniel Reuss.
Naast Cappella Amsterdam en het Bach-koor Holland is Daniel Reuss verbonden aan Collegium Vocale Gent, als vaste repetitor en als gastdirigent. In laatstgenoemde hoedanigheid treedt hij dit seizoen ook op samen met o.a. het Groot Omroep Koor, het RIAS-Kammerchor, het Nieuw Ensemble en het Noord-Hollands Philharmonisch Orkest.

Voor het concert is er een kerkdienst (aanvang 10.00 uur), waarin de volgende cantate wordt uitgevoerd.
J.S. Bach: Schauet doch und sehet, ob irgendein Schmerz sei (BWV 46)

 



 

Top


 


zaterdag 3 november 2001 21.00 uur - Nicolaïkerk


zaterdag 3 november 2001
21.00 uur - Nicolaïkerk

De Verklankte Dood


Arion-ensemble
o.l.v. Chris Pouw


Op de late avond brengen de dertig musici van het Arion-ensemble (koor, strijkers en blazers) o.l.v. Chris Pouw een programma over de dood. Het concert maakt deel uit van het festival Allerzielen - Allerheiligen van de stichting Città della Musica. Speciaal voor de Nicolaïkerk is een programma samengesteld waarin de Totentanz van Hugo Distler (1908-1942) uitgevoerd wordt in de zeldzame combinatie met liederen van de Oostenrijkse componist Hugo Wolf (1860-1903). Nog ongewoner is de uitvoering van liederen uit Wolfs Spanisches Liederbuch in nauwelijks bekende bewerkingen van Igor Strawinsky.


’Koning, keizer, admiraal, de Dood komt ze halen, allemaal’. Zo zou de moraal van de Dodendans kunnen worden omschreven. De man met de zeis ontziet niemand. In de beeldende kunst speelt dit thema vanaf de late middeleeuwen een opvallende rol: in reeksen prenten en in muurschilderingen worden mensen van elke rang en stand afgebeeld, elk herkenbaar aan zijn attributen terwijl de dood, soms met een kus, te kennen geeft wiens beurt het is door hem te worden meegenomen. Met sardonische humor laten de schilders van dodendansen daarbij de hoogwaardigheidsbekleders voorop gaan. Het leven is een voortdurende dans met de dood en elke dans heeft een einde. Wie zich dit niet realiseert en onvoorbereid sterft, komt niet in de hemel. In heel Europa, met name in en rondom de Alpen, zijn er op kerkmuren nog monumentale dodendansen geschilderd.


In 1466 schilderde Bernt Notke een dodendans in de Marienkirche in Lübeck. Deze werd in de achttiende eeuw door een barokke kopie vervangen. Hugo Distler, benoemd in 1931 als organist van de Jakobikirche in Lübeck, gebruikte de afgebeelde figuren en de onderschriften van de Totentanz in de Marienkirche als uitgangspunt voor zijn compositie.


De aangrijpende Totentanz is een afgeronde cyclus met een verstild slot, dat juist sterk tot zijn recht komt in combinatie met romantisch repertoire van Hugo Wolf. De op afloop van het leven gerichte teksten van Wolf passen uitstekend in het thema: juist na Totentanz krijgen de teksten van Eichendorff, Paul Heyse en Emmanuel Geibel een veel sterkere werking.


De levens van Hugo Distler en Hugo Wolf bevatten enige gelijkenissen, niet in het minst in hun vroegtijdige einden, Distler door zelfdoding en Wolf door ernstige lichaamlijke en geestelijke ziektes. Wolf studeerde in Wenen, waar hij de jonge Gustav Mahler leerde kennen; later zou hij ook aangemoedigd worden door Richard Wagner. In de handen van Wolf zou het romantische lied voor een enkele zanger met pianobegeleiding zijn absolute hoogtepunt bereiken. Door zijn fijnzinnige tekstbehandeling en de intieme, persoonlijke sfeer van zijn liederen raakte Wolf de essentie van het romanticisme. Bijzonder in het programma van De Verklankte Dood is de uitvoering van enkele liederen van Wolf in weinig bekende bewerkingen van Igor Strawinsky voor koor, klarinetten in A, hoorns en strijkers - een kleurrijke maar kwetsbare bezetting die een zwaar beroep doet op de vakkundigheid van de musici.


 



 

Top


 


zaterdag 8 december 2001 21.00 uur - Nicolaïkerk


zaterdag 8 december 2001
21.00 uur - Nicolaïkerk

L'Inconnue


Folia
(ensemble voor renaissance- en barokdans)


Dorothée Wortelboer en Peter Verzijl
Onno Verschoor, blokfluiten, barokhobo
Hayo Neutkens, luit, barokgitaar
Ursula Dütschler, klavecimbel

L'Inconnue (De Onbekende) speelt zich af in de 18e eeuw. Een Franse dame van goede komaf scheept zich in Marseille in, om over de Middellandse Zee naar Napels te reizen. Het schip verliest echter zijn koers in een storm en strandt op de kust van Noord-Afrika. Daar wordt zij gevonden door een bewoner van die kust.


Het is het begin van een wederzijdse confrontatie met een cultuur die totaal anders is. Waar communicatie via de taal bijna onmogelijk is, komen zij elkaar nader via dans en muziek.


In de 18e eeuw bood dit verhaal interessante contrasten tussen het keurslijf van de etiquette die de hogere kringen werd opgelegd en het schijnbaar vrijere leven en de andere manieren van inwoners van verre landen met een warmer klimaat. Daarnaast zijn de ontmoeting tussen twee culturen en het vinden van een vorm voor samen leven een tijdloos gegeven. In Nederland bij uitstek wordt men hiermee dagelijks rechtstreeks geconfronteerd.


Een keur aan 18e-eeuwse muziekstukken en (delen van) opera's roept de atmosfeer van het exotische op. Zelfs zonder de concrete visuele ondersteuning van kostuums, attributen en karakterdansen, wordt deze duidelijk, bijvoorbeeld in L'Europe Galante van André Campra, de Turkse scène in Lully's Bourgeois Gentilhomme en Rameau's Indes Galantes. De laatste gebruikt het exotische eveneens in zijn Pièces de clavecin, waarin stukjes voorkomen met titels als 'Les Sauvages' en 'L'Egyptienne'. Dansers en musici nemen echter elkaar's ritmen en vormen over en vinden elkaar in het plezier en de emoties die muziek en dans, uit hoe verschillende culturen ook, oproepen.


 



 

Top


[Home]